Rode flamingo

Engelse naam:                           American flamingo
Wetenschappelijke naam:   Phoenicopterus ruber
Leefgebied:                                 Zuid-Amerika, Caribisch gebied
Voeding:                                      algen en kleine kreeftachtigen
Gewicht:                                      2 – 4 kilogram
Nestgrootte:                              1, soms 2 eieren
Broedtijd:                                   27 – 31 dagen
IUCN status:                              Niet bedreigd

Waar wonen ze?
De rode flamingo komt voor in Zuid-Amerika en de Cariben. De rode flamingo wordt soms ook wel de Caribische flamingo, de grote flamingo of de Cubaanse flamingo genoemd. De dieren leven in ondiep water waar ze op ze op zoek gaan naar hun voedsel. Dit doen ze veelal in rivierdelta’s, waarin het water een hoog zoutgehalte heeft. Flamingo’s gebruiken de modder uit de wateren waarin ze leven om nesten te maken. Ze bouwen hiermee kleine heuveltjes die net boven het water uitsteken.

 

Hoe zien ze eruit?
Rode flamingo’s zijn grote vogels met een spanwijdte van wel 1,4 tot 1,65 meter. Wanneer een rode flamingo zich uit strekt kunnen ze wel een lengte van 1,45 bereiken. Van alle soorten flamingo’s is het verenkleed van de Rode flamingo het meest rode/roze gekleurd. Mannetjes en vrouwtjes flamingo’s zien er daarbij ook eigenlijk hetzelfde uit, alleen zit er een verschil in grootte. Mannelijke dieren zijn namelijk iets groter als vrouwelijke dieren. Flamingo’s hebben lange poten met aan elk van die poten tenen die door zwemvliezen verbonden zijn, zodat ze niet weg kunnen zakken in de modder.
Flamingo’s eten algen en kleine kreeftachtigen, waar hun snavel perfect op is aangepast. Zo is de snavel van de flamingo een soort filter waarbij de tong het water naar buiten perst en het eten in de snavel blijft hangen achter zogeheten lamellen. Door het voedsel dat de rode flamingo’s eten is ook de kropmelk, die ze aan hun jongen geven, rood van kleur. Dit komt door de carotenoïde stoffen die in het voedsel zitten, waardoor de flamingo’s dus roze van kleur worden. Als er in een gebied te weinig voedsel te vinden is dan trekken flamingo’s met zijn allen weg naar een ander gebied. Ook is het mogelijk dat flamingo’s bleker van kleur worden als er onvoldoende voedsel beschikbaar is, of als ze voedsel opnemen waar geen of minder carotenoïde stoffen in zitten. Jonge flamingo’s zijn overigens nog niet roze rood van kleur. Jonge flamingo’s zijn grijs van kleur. Als de vogel volgroeid is, kleurt het verenkleed ook langzaam aan rood. Door deze rode kleur komt de flamingo aan zijn naam, want het woord flamingo is namelijk afgeleid van het oud Spaanse woord voor ‘vlammen’.
Bekent is van flamingo’s dat ze vaak op 1 poot rusten met hun nek ingetrokken. Dit doen ze niet alleen om hun poot en hun nekspieren rust te geven maar ook om hun warmteverlies te beperken.

Flamingo’s in het park
In de Cuba-volière is een kolonie Rode flamingo’s te zien. Ze leven daar samen met onder andere Incasterns, Rode ibissen en Cubaanse fluiteenden. Deze groep flamingo’s is zelden stil, waardoor het in de Cuba-volière altijd een gezellige boel is. Met regelmaat worden er ook jongen geboren en kan men deze in de kolonie zien opgroeien.