Callicebus-cupreus-rode-springaap

Rode titi

Engelse naam:                                Coppery titi
Wetenschappelijke naam:        Callicebus cupreus
Leefgebied:                            Tropische en sub-tropische bossen in Zuid-Amerika
Voeding:                                 Hoofdzakelijk fruit, daarnaast bladeren en insecten
Gewicht:                                 1100 gram
Aantal jongen:                     1 per worp
Draagtijd:                               130 dagen
IUCN status:                          Niet bedreigd

Waar wonen ze?
De Rode titi komt voor in de tropische en subtropische bossen van Peru, Columbia, Ecuador en West-Brazilië. De bossen waarin de  rode titi’s wonen zijn laag gelegen en hebben dus kans om te over stromen.

Deze dieren bewonen een territorium wat vaak niet groter is als 550 vierkante meter. Dit territorium verdedigen ze door aan de randen van het territorium prachtige duetten te zingen.

Ze leven in groepen die bestaat uit een ouderpaar en 1 tot 3 jongen en staan erom bekend dat ze veel tijd spenderen aan de verzorging van elkaars vacht. Het is een soort die nauwelijks op de grond komt maar hoofdzakelijk hoog in de bomen verblijft. Daar zijn ze een groot deel van de dag bezig met eten. Hun dieet bestaat voor het grootste deel uit fruit. Daarnaast worden ook bamboe, bladeren en soms insecten gegeten.

 Hoe zien ze eruit?
Rode titi’s zijn overwegend bruin, maar hebben een opvallend rode keel en ook de buik en binnenzijde van de poten zijn rood behaard. De gezichten zijn nauwelijks tot niet behaard en tonen een bijna zwarte huid. Verder hebben ze wel een dichte vacht en een lange grijskleurige staart. Opvallend is dat de achterpoten korter zijn dan de voorpoten.
Mannetjes en vrouwtjes zijn niet alleen even groot, maar zien er ook hetzelfde uit. Rode titi’s zijn 28 tot 39 centimeter lang een hebben een lange grijze staart. Waar sommige apensoorten in Zuid-Amerika hun lange staart als grijpstaart kunnen gebruiken (zoals bijvoorbeeld slingerapen) of voor balans, doen rode titi’s dit echter niet. Wel heeft de staart een belangrijke sociale functie. Ze verstrengelen de staarten onderling als ze op takken zitten. Voor zover bekend is dit verstrengelen van staarten om de paarband aan te geven. Jonge Rode titi’s nemen dit gedrag over en wikkelen hun staart door die van de ouders als ze rusten.
Rode titi’s kunnen erg goed ruiken. Geuren spelen dan ook een belangrijke rol in hun communicatie. Zo ruiken de dieren aan elkaars gezicht als ze elkaar voor het eerst ontmoeten. Daarnaast hebben de mannetjes een geurklier op hun borst waarmee ze geuren in de omgeving afzetten door langs bomen te wrijven.


Rode titi’s in het park

In Avifauna bewonen de Rode titi’s het Nuboso-gebied, wat ze onder andere delen met de Keizertamarins, Witgezichtsaki’s en Kuiftinamoe’s, De dieren in Avifauna zijn opgenomen in een EEP; een Europees fokprogramma voor deze soort.